26 augustus 2009, AMSTERDAM
Officier van justitie mr. Michiel Zwinkels, jarenlang verantwoordelijk voor de strafzaak tegen ondernemer Erik de Vlieger, is gisteren tijdens de tweede dag van het strafproces stevig ondervraagd door de advocaat van de voormalig IMCA-topman, mr. Frits Schneider.
De Vlieger staat deze week voor de rechtbank Amsterdam terecht op verdenking van het medeplegen van afpersing van een Amsterdamse kroegbaas, zeven jaar geleden.
In een urenlang verhoor werd Zwinkels, die inmiddels officier van justitie is voor de Nationale Recherche, aan de tand gevoeld over zijn opsporingsacties tegen de voormalig IMCA-topman.
Tijdens dit verhoor bleek dat zowel de officier als de criminele inlichtingeneenheid (cie) jarenlang telefonisch contact heeft gehad met de Israëlische kroongetuige Tsion Eyni, terwijl dezelfde Zwinkels tijdens zittingen bij de rechtercommissaris in diezelfde periode aldoor meldde dat deze belangrijke getuige ’niet te traceren was’.
De cie blijkt hem zelfs eenmaal te hebben opgezocht in Tel Aviv. Eyni, een voormalig militair van het Israëlische leger, heeft, zo blijkt uit het dossier, de vermeende afpersingszaak bijgewoond en hij heeft Erik de Vlieger voorafgaand hieraan volgens diverse getuigen telefonisch ernstig bedreigd. Eyni is echter nooit officieel gehoord in deze zaak.
Onvindbaar
De verdediging wilde hierover gisteren het naadje van de kous weten want hoe kan het dat een officier van justitie zelf contact onderhoudt met een kroongetuige terwijl hij de rechter-commissaris meldt dat dezelfde getuige onvindbaar is?
Volgens Zwinkels voelde hij zich verplicht om getuige Eyni, die eerder in ons land tot ongewenst vreemdeling was verklaard en daarom niet naar Nederland wilde en kon komen om te getuigen, af te schermen. „Daartoe had hij mij verzocht”, aldus Zwinkels, „Ik kreeg van de cie teruggekoppeld dat Eyni had gezegd dat zijn veiligheid gevaar liep als bekend zou worden dat hij met de politie sprak.”
De Vliegers voormalige rechterhand Harm Prins, zelf ook verdachte in de zaak, werd gisteren als getuige gehoord. Hij blijkt Tsion Eyni op 1 maart 2007 te hebben opgezocht in het Spaanse Marbella. Prins heeft van zijn ontmoeting een notariële verklaring laten opmaken. Tijdens de zitting verklaarde hij over zijn opmerkelijke ontmoeting met de Israëliër: „Hij verklaarde onder druk te zijn gezet door de cie om geen verklaring af te leggen over De Vlieger. Als je terug wilt keren naar Nederland, kun je je beter niet in deze zaak mengen.”
De Telegraaf, 26 augustus 2009