Magdi Barsoum

(1949-2002)Magdi Nessim Barsoum kwam eind jaren '70 naar Amsterdam, met zijn iets oudere broer Mounir (1948), alias 'Adel', en nog wat familie uit Caïro, Egypte. In de eerste jaren werkte Magdi als croupier in de gokhuizen van Maurtis 'Zwarte Joop' de Vries, die toen gold als de 'Koning van de Wallen'. In 1980 namen Magdi en Mounir de shoarmazaak Grillroom Delilah over. De broers gedroegen zich daarbij zoals beginnende ondernemers zich gedragen: ze werkten hard om hun zaak draaiende te houden en waren dag en nacht in de weer. Magdi was de zakenman, Mounir de flierefluiter die de klusjes uitvoerde die zijn broer hem opdroeg.
'Paak'
Parallel aan zijn reguliere zaken, begon Magdi in de jaren '80 ook een handeltje in Pakistaanse hasj op te zetten. Hij werkte daarbij incidenteel samen met de organisatie van maffiabaas Klaas Bruinsma. Vervolgens ging het hard: de charismatische Magdi maakte makkelijk carrière in de onderwereld. Hij begon steeds grotere partijen 'Paak' binnen te halen en mengde zich ook in de gokbranche. Tegelijkertijd investeerde hij ook in een reeks legale bedrijven, zoals wasserette Lange Niezel en het café Red Light Bar. De laatste werd het nieuwe hoofdkwartier van waaruit de Barsoums hun illegale zaken gingen runnen.
Na de moord op Bruinsma in 1991, distantieerde Magdi zich van de erfgenamen van de maffiabaas. In plaats daarvan vond hij aansluiting bij de Joegoslavische maffia, onder leiding van Jotsa Jocic. De Joego-leider en Barsoum konden het al snel goed vinden. Met Mounir als rechterhand handelde Magdi op eigen houtje of als tussenpersoon voor Jocic in nog steeds vooral Pakistaanse hasj. De band met de Joego-maffia kwam van pas als concurrenten de Barsoums dwarszaten.
Daar kwam bij dat Magdi goede contacten had bij de politie en dan voornamelijk de recherche. Als tegenprestatie voor bruikbare politie-informatie wilde hij zelf ook nog weleens wat vertellen - over concurrenten. Barsoum wist te vertellen waar de recherche afsprak met informanten die ze 'runde' en kende de details van lopende onderzoeken. Hij koesterde zijn informanten binnen de recherche zorgvuldig.
Ruzie met de Nederlanders
Magdi Barsoum raakte in de loop van de jaren '90 steeds dieper verwikkeld in het conflict tussen de Joegoslaven van Jocic en de criminele erfgenamen van Klaas Bruinsma, Sam Klepper en zijn vriend John Mieremet voorop. Het conflict draaide vooral om een partij hasj met een straatwaarde van 10 tot 20 miljoen gulden, die van de Joego's was geript door Klepper en Mieremet. Barsoum kreeg de rol van bemiddelaar toebedeeld en voerde in zijn Red Light Bar besprekingen met steeds weer verschillende afgevaardigden van de Nederlanders. Het schoot maar niet op, want de kern van de impasse bleef bestaan: de Joegoslaven eisten miljoenen die Klepper en Mieremet niet wilden betalen.
In 1999 kwam Magdi ook nog tegenover een tweede partij te staan. De Keniaanse drugshandelaar Ibrahim Akasha kwam verhaal halen bij Barsoum en de Joegoslaven vanwege een omvangrijke partij hasj die hij wel had geleverd maar die niet was betaald. Dat was dus die hasj die was gejat door Klepper en Mieremet. Maar het was duidelijk dat Akasha niet langer op zijn miljoenen wilde wachten. In het voorjaar van 2000 kwam de Keniaan naar Amsterdam. In de ochtend van 3 mei zouden Akasha en Barsoum elkaar ontmoeten in de Red Light Bar. Onderweg werd de Keniaan echter door een schutter te fiets doodgeschoten.
Er werd na de liquidatie van Akasha wel een onderzoek gestart naar Barsoum, maar die werd in december 2001 ontbonden wegens gebrek aan resultaat. Een corrupte politietolk, die de telefoontjes van de Barsoums vertaalde, speelde voor een half miljoen gulden alle details over het onderzoek door aan de broers.
Nog meer zorgen
Maar, naast justitie had Barsoum ook wel andere zaken aan zijn hoofd. Het ging helemaal mis met zijn bemiddeling tussen de Joegoslaven en Klepper/Mieremet. Na de moord op Sam Klepper in oktober 2000 had diens boezemvriend en zakenpartner John Mieremet zich nog harder opgesteld. De Nederlanders wilden de 'schuld' vanwege de geripte partij hasj niet betalen. In de periode na de dood van Klepper verhardde het conflict en Mieremet was naarstig op zoek naar de opdrachtgevers. Daaronder schaarde hij ook Barsoum.
Op 2 maart 2002 liep Magdi tegen 14.30u van de Nieuwmarkt de Bloedstraat in, op weg naar zijn Red Light Bar. Een man met een rugzak liep van achteren op hem af en schoot hem van dichtbij twee kogels door het hoofd om vervolgens, te voet, te vluchten.
'Adel'
Mounir nam automatisch de plaats in van zijn broer Magdi als hoofd van hun organisatie. Zijn eerste doel was om de daders van de moord op zijn broer te vinden in het milieu. Als altijd, gebruikte hij grote woorden als hij sprak van vergelding. Zo ver kwam het niet. Op 8 juli 2004 werd Barsoum rond het middaguur in zijn stationcar beschoten door een man met een langwerpig vuurwapen. Mounir werd door meerdere kogels geraakt en overleed achter het stuur. Voor het uitschakelen van Mounir Barsoum houden politie en justitie dezelfde groep verantwoordelijk als voor de moord op zijn broer Magdi - de groepering van Mieremet.
|