|
|
Sam Klepper

Simon (Sam) (Span)Klepper (29 april 1960 - Amsterdam, 10 oktober 2000) was een Nederlands crimineel en slachtoffer van een liquidatie.
Klepper begint zijn criminele loopbaan als lid van de beruchte Houtman-bende, die tussen 1982 en 1986 minimaal 41 gewapende overvallen in Nederland en België pleegt met een totale opbrengst van 12,3 miljoen gulden (5,6 miljoen euro). De bende werd geleid door Kees Houtman en viel op door haar nauwkeurige voorbereidingen en professionele uitvoering.
Na 1986 valt de bende als vanzelf uit elkaar en gaat ieder zijn eigen weg. Klepper sluit zich samen met zijn jeugdvriend John Mieremet, die ook lid was van de Houtman-bende, aan bij de organisatie van maffiabaas Klaas ‘de Dominee’ Bruinsma. Van Bruinsma krijgen ze de leiding over de binnenlandse verkoop van de drugs die door de organisatie wordt geïmporteerd. Bovendien staan ze aan het hoofd van de zogenaamde speelautomatendivisie, dat gokkasten aan allerlei horecagelegenheden levert.
Terwijl ze voor Bruinsma werken, krijgen Klepper en Mieremet ruzie met een groep Joegoslaven onder leiding van Ljubinko ‘Duja’ Becirovic. Dat gaat om een partij cocaïne die ze aan de Joego’s zouden leveren. De ruzie escaleert wanneer Becirovic in 1990 wordt beschoten terwijl hij langs een café van Klepper en Mieremet rijdt. Dit kan de Joegoslavische gangster niet door de vingers zien en hij roept Bruinsma, de baas van Klepper en Mieremet, ter verantwoording. Die vindt dat hij er niks mee te maken heeft en zegt letterlijk ‘Vecht het maar met elkaar uit.’ Dat ‘advies’ nemen beide strijdende partijen ter harte en op 27 oktober 1990 wordt Becirovic in zijn woning vanaf de straat doodgeschoten.
Klepper en Mieremet verergeren de situatie nog verder als ze een partij drugs van de Joego’s rippen met een straatwaarde van 20 miljoen gulden (9,1 miljoen euro). Nu is het definitief oorlog tussen het onderwereldduo en de Joegoslaven, nu onder leiding van Sreten ‘Jotsa’ Jocic. Deze oorlog kan echter niet in alle volledigheid worden uitgevochten, omdat Bruinsma op 27 juni 1991 wordt geliquideerd en diens organisatie daarna uit elkaar valt. Daardoor komen de Joegoslaven min of meer zonder vijand te zitten.
Klepper en Mieremet voelen zich zonder de bescherming van Bruinsma zodanig kwetsbaar dat ze zich in augustus 1991 laten arresteren met een auto vol wapens. Als ze in mei 1992 weer vrij komen, is Jocic het land al ontvlucht. Tijdens een poging hem te arresteren in november 1991 heeft hij een agent beschoten. Nu wordt hij internationaal gezocht en kan hij jarenlang zijn gezicht niet meer in Nederland laten zien.
In de daaropvolgende jaren groeien Klepper en Mieremet uit tot een gevreesd duo in de onderwereld. Ze onderhouden nauwe banden met andere topcriminelen, zoals Mink Kok en Stanley Hillis. Willem Holleeder sluit zich in 1996 bij hen aan, nadat hij gebroken heeft met Cor van Hout. Daarnaast hebben ze naar schatting rond de 15 liquidaties in binnen- en buitenland laten uitvoeren, waaronder waarschijnlijk die op Michael Vane (1993) en Marcel Mehagnoul (1995). Klepper, een brommerverzamelaar, sluit zich ook aan als aspirant-lid (‘prospect’) bij de Amsterdamse Hells Angels onder Big Willem van Boxtel.
Eind jaren negentig begint het conflict met de Joegoslaven weer op te laaien. De Joegoslaven willen alsnog een schadevergoeding zien vanwege de ripdeal en de moord op Becirovic. Klepper heeft echter plannen om op korte termijn met pensioen te gaan en ziet niks in het betalen van deze megaboete. Waarschijnlijk als waarschuwing wordt op 23 september 2000 Jan Femer doodgeschoten, een criminele relatie van Klepper en Mieremet. Drie weken later, op dinsdag 10 oktober 2000, is het de beurt aan Klepper. In gezelschap van zijn lijfwachten Peter Beuving en de Bosniër Ferid Salja wordt hij voor zijn penthouse aan het Gelderlandplein in Amsterdam-Buitenveldert doodgeschoten door een man die zijn wapen verborgen houdt achter een paraplu.
Bij de liquidatie van Klepper is waarschijnlijk sprake geweest van dubbelspel. Farid Salja was een paar weken voor de moord ingevlogen om als lijfwacht voor Klepper te werken. Ten tijde van de moord had Salja een tv-toestel in zijn handen, waardoor hij niks kon uitrichten. Daarna moest hij nog worden aangespoord door de ongewapende Peter Beuving om zijn Uzi te trekken. Vervolgens schoot de Bosniër zo slecht, dat hij zelfs geen straf opgelegd kreeg door de rechtbank. Salja werd vrijgesproken omdat niks erop wees dat Salja de schutter ook daadwerkelijk had willen raken. De theorie is dat Salja al voor de Joegoslaven werkte toen hij werd ingevlogen. Zo kreeg Klepper een gevoel van veiligheid en wist de schutter dat hij niks te vrezen had van de bodyguard.
De begrafenis van Klepper zeven dagen na de liquidatie op begraafplaats St. Barbara wordt geregisseerd door de Hells Angels, waar Klepper aspirant-lid van was. Het verkeer rond Amsterdam komt volledig vast te staan door de enorme stoet aan Hells Angels op motoren en bij het passeren van de Westertoren worden de klokken geluid.
Bron: De oorlog in de Amsterdamse onderwereld door Bart Middelburg en Paul Vugts (Amsterdam, 2006)
|
|

LAATSTE HOLLEEDER NIEUWS
Video 
|