Willem Holleeder heeft zakenman Rolf Friedländer niet afgeperst. Hij heeft er juist voor gezorgd dat de zakenman en diens zoon niets overkwam. Bas van Hout, getuige in het proces-Holleeder. FOTO ANP Dat zei journalist Bas van Hout, getuige in de zaak-Holleeder, donderdag tijdens dag drie van het proces.
Journalist Van Hout sprak in de jaren negentig uitvoerig met Amsterdamse topcriminelen. Hij bevestigde gisteren het verhaal dat Holleeder eerder deze week al vertelde: de zoon van zakenman Friedländer had een conflict over een meisje met topcrimineel John Mieremet, en Holleeder heeft Friedländer alleen gewaarschuwd dat hij gevaar liep. Van afpersing zou geen sprake zijn geweest. ,,Holleeder was juist geweldafwijkend’’, aldus Van Hout.
Hoewel de betrouwbaarheid van Van Houts verklaring niet valt te toetsen - hij heeft zijn informatie uit de tweede hand - is die toch een steuntje in de rug voor Holleeder. Die had Van Hout dan ook zelf opgeroepen als getuige. De afpersing van Friedländer is één van de vier afpersingen waarvan Holleeder beschuldigd wordt. Net als Holleeder en Van Hout ontkent ook Friedländer zelf dat hij ooit is afgeperst, maar justitie vermoedt dat hij dat doet uit angst voor represailles.
De zaak-Friedländer was de eerste die door de rechtbank werd behandeld. Volgende week bespreekt de rechtbank de tweede afpersing: die van een andere Amsterdamse zakenman, John Wijsmuller. Daarin lijkt justitie over meer concrete aanwijzingen te beschikken dan in de zaak-Friedländer, al ontkent ook Wijsmuller zelf dat hij door Holleeder is afgeperst.